‘To the beach’
De Bulgaarse taxichauffeur kijkt ons chagrijnig aan, wanneer mijn vriendinnen en ik de taxi in willen stappen. ‘Party?’, vraagt hij, nadat we zijn ingestapt.
‘Yes, we have a party on the boat.’
Hij knikt en concentreert zich weer op de weg. Godzijdank.

Het verkeer in Sunnybeach is chaotisch en ze lijken nog nooit van verkeersregels gehoord te hebben. Auto’s toeteren hard naar elkaar, geven geen centimeter toe tijdens het invoegen.
De chauffeur scheurt ons naar de pier en de andere jongeren staan al te wachten voor een grote boot.
‘Joepie, daar gaan we weer’, zegt mijn vriendin Shirley sarcastisch.

De goedkoopste manier om met vier vriendinnen voor het hoogseizoen in Bulgarije te komen, is via een jongerenreis. Nu zijn wij met ons drieentwintig ook zeker nog niet oud, maar we bevinden ons grotendeels tussen pubers die de reis van pappie en mammie hebben gekregen omdat ze geslaagd zijn.
Voor hun veterstrikdiploma.

Als laatste van het hele gezelschap, klimmen wij op de boot. De buitenkant van de boot is wit en vooral erg saai. Maar wanneer je binnenstapt, lijkt het wel op een grote danszaal.
We worden begroet door het personeel, die allen uiterst schaars gekleed zijn.
Na het welkomstpraatje lopen we naar het dek om daar de laatste zonnestralen op te vangen.

We kletsen met elkaar en bekijken de jongeren die nu al dronken zijn. Na een tijdje wordt omgeroepen dat het buffet klaar is. Als de eerste hongerige hyena’s naar beneden zijn gerend, volgen wij ook. De tafels raken snel vol en daarom spreken mijn vriendinnen en ik af dat ik een tafel bezet ga houden en zij eten gaan halen.

Ik probeer te kunnen zien wat er op de verschillende schalen ligt, maar het enige wat ik kan thuisbrengen is friet en salade. Plotseling, ben ik niet meer zo geïnteresseerd in het buffet. Een knappe man staat vanaf de zijkant naar mij te kijken. Snel kijk ik weg, maar mijn blik wordt naar hem toegezogen.
Door zijn korte broek en witte hemd, zie ik dat hij bij de bemanning hoort.
Hij heeft brede armen en ik ben benieuwd hoe de rest van zijn lichaam eruit ziet.
Ondanks zijn macho-uiterlijk, heeft hij een vriendelijk gezicht.

Onze ogen ontmoeten elkaar en hij komt mijn kant op, zonder mijn blik te verliezen. Zijn ogen zijn een mengeling van groen, blauw en bruin en ik voel mezelf als een idioot glimlachen.
‘Are you alone here?’
‘No, my friends are getting food.’
‘Friends’, herhaalt hij en ik zie hem peinzend kijken.
‘So, no boyfriend?’
‘No, just me and the girls.’
Zijn ogen glunderen en hij legt zijn hand op mijn bovenarm.
‘Great. You look beautiful.’
Van alle Bulgaren die we de afgelopen week tegen zijn gekomen, spreekt hij veruit het beste Engels.
Hij kijkt om zich heen en ik volg zijn blik. Mijn vriendinnen komen eraan met grote borden eten.
‘Enjoy your meal’, zegt hij en loopt terug naar zijn plek.

Het eten smaakt flauw, maar voor de prijs die we voor deze trip betaald hebben, had ik niet veel beter verwacht.
De knappe ober, matroos of wat hij ook doet op de boot, blijft oogcontact zoeken. Steeds lacht hij even of knipoogt hij mijn richting uit.

Nadat ik mezelf moed in heb gedronken, stap ik op hem af. Mijn hart gaat sneller kloppen en ik vraag me gelijk af of ik er wel goed aan heb gedaan.
Maar wanneer hij zijn tanden bloot lacht, twijfel ik niet meer.
‘Did you like the food?’
‘Yeah, it was ok.’
Hij lacht en legt zijn hand op mijn schouder. Een rilling gaat door mijn lijf en ik wil zijn handen op andere plekken voelen.
‘Don’t lie. Its awful!’
Nu moet ik ook lachen. Op die manier weet ik in ieder geval dat hij niet de chef-kok is.
‘You’re right. It was a bit terrible.’

Hij stelt zich voor als Ivo en vertelt dat hij in het dagelijks leven lifeguard is op het strand. Sinds deze week werkt hij als toezichthouder op de boot. Zowel zijn collega’s als mijn vriendinnen houden ons goed in de gaten.
‘I have to go back to work. Or else they fire me.’
Ik loop terug naar mijn vriendinnen en met elkaar gaan we de dansvloer op.
De muziek is leuk en hoe meer wijntjes erin gaan, hoe losser ik word. Ik zie Ivo me nog steeds regelmatig opzoeken met zijn ogen en ook ik kan mijn ogen niet van hem afhouden.

We varen weer richting de pier en worden vriendelijk verzocht de boot te verlaten. Ivo en zijn collega’s helpen, waar nodig, mensen uit de boot.
Uiteraard zorg ik ervoor dat ik bij Ivo uitstap.
Zijn ogen glinsteren in de ondergaande zon en zijn het enige wat ik nog een beetje helder kan zien.
‘Are you allright?’
‘Yes, just a bit tipsy.’
‘Be careful.’
Galant helpt hij mij uit de boot en onopvallend drukt hij een briefje in mijn hand. Mijn huid tintelt en ik kijk in de ondeugende ogen van deze mysterieuze man, terwijl ik hem een verlegen glimlach schenk.

Snel open ik het briefje, wanneer we uit zicht van de boot zijn.
“Can I take you on a date tomorrow. I want to show you places and give you good food.’
Door het dolle heen, laat ik het papiertje zien aan mijn vriendinnen.
Doen.
Dat is de conclusie. ’s Avonds stuur ik dat het me leuk lijkt en we spreken een tijd af.

Leave a Comment

0